Het is weer weekend. En weer slecht weer, zoals alle weekenden de afgelopen tijd. Tijd voor een blogje.
Had ik al gemeld dat de omheining bijna af is? De omheining is bijna af. Alleen nog een stuk van een meter of honderd naast de sloot. Zwijnen hebben al geprobeerd door het schapengaas heen te komen. Wat ze is gelukt ook. Geen schapen zijnde. Ze hebben een maas van 10cm2 weten uit te lubberen tot 60cm2. Dan past het wel weer. Toch onhandig dat ze niet de weg hebben genomen, drie meter ernaast.
Omheining, hier nog heel. Foto: Astrid
polsend praatje
Van de gemeente horen we ondertussen maar niets. Boe noch bah. Dik plan ingediend en niet eens een ontvangstbevestiging. We moeten er nodig langs voor een polsend praatje. Het komt er maar niet van.
Willen we er langs tijdens de bosbouwcursus. Loopt de cursus uit. Gemeentehuis naar huis. Willen we er langs als we uit Casa Inimini terugkomen. Herman weg. Kom ik zo op terug. Willen we een vage Europese subsidieboer bezoeken. Wimpelt 'ie ons af. En neemt daarna toch alle tijd. Samengevat vindt hij als individu ons plan prachtig, adviseert ons als professional zeker een aanvraag in te dienen, omdat het project bij nader inzien toch potentie heeft, en blijf ik ondertussen alleen beleefd zitten om Thomas niet af te vallen.
Al tijdens de eerste minuten wordt duidelijk dat de subsidieverstrekker er ondanks het bijwoord "Europees" toch weer eentje is van het ultra-Spaanse soort: met geld naar geld smijten. Alleen duizelingwekkend dure projecten kunnen op hun financiële steun rekenen. Spanje wil spiegels en kralen. Eenvoud is vies. Geld moet rollen. Zo is dat. De Spanjaard gaat naar een duur hotel. Naar een duur restaurant. Een duur land. Dure rommel.
Ik mopper me langs de verwijtende rij wachtenden naar buiten. Verspilde moeite. De enige winst is dat deze man ons campingplan een aansprekend idee vindt. Ondertussen is het te laat om bij de gemeente langs te gaan. Ook dat nog.
Ach ja. Hoe dom. Het is dom om te roepen dat je niets van subsidies wilt hebben om ondertussen toch tijd in te ruimen voor zo'n tent. Niet meer doen. Dom dom oliedom! Het is waar. Ik ben blonder geworden hier.
Herman dus
Herman de Korte. Herman is tot keurige reiskat opgevoed. Gaat vrolijk in de reismand. Ligt de hele weg plat. Prima. Maar na een uitermate luidruchtige ochtend waarop hij maar blijft mauwen is Herman opeens verdwenen. Aaah. Heerlijk, wat een rust. Maar het blijft rustig. Ook 's avonds. 's Nachts. De volgende ochtend.
Doucheruimte uitgraven en afvoergat frunniken op Casa Inimini. Foto: Astrid
Jahaa. En wij moeten weg. De Nieuwzeelandse helpers moeten op de bus gezet naar hun volgende adres. Dus we gaan, zonder Herman. Gelukkig biedt een vriendin aan de volgende dag te kijken of er een Herman rondhobbelt. Geen Herman. Wel een rondslingerend eetbakje. Dat door een heleboel dieren kan zijn leeggegeten. Inclusief Herman.
Bah. Dan weten we nog niets. Eerlijk gezegd zijn we allebei deze kat goed zat. Oliedom. Weet niet eens door de katflap te komen. Blijft maar mauwen. Práááten zeggen kattenliefhebbers. Wij worden er niet goed van. Maar om die kat dan maar daar in z'n sop te laten gaarkoken terwijl er nog een heel klein kansje is dat hij leeft, gaat ons te ver.
Long drop geschilderd op Casa Inimini. Foto: Astrid
Gelukkig is daar Lisa. De geweldige helpster uit Nieuw-Zeeland, die net 890 kilometer Camino de Santiago achter de kiezen heeft en stapelgek is op Herman. Ze komt een paar dagen langs. Benieuwd naar ons en onze vorderingen op Fontebona. Gezellig! Ze stapt prompt in de auto om Herman te gaan zoeken. Maar ook Lisa komt zonder succes terug.
We besluiten een paar dagen later een laatste zoekpoging te doen. Door de aanhoudende regen komen we die dag zo laat aan, dat we besluiten een dag en nacht extra in Casa Inimini te blijven. We praten met de buurman. Armando zal wel door een roofdier zijn opgegeten. Denken wij ook. Een kat die niet op het juiste moment stil weet te zijn, kan zich onmogelijk in een omgeving handhaven waar permanent vossen en vale gieren rondhangen.
Eerste deel douchemuur -rechts- gebouwd. Daar had Thomas door Hermans afwezigheid extra tijd voor. Foto: Astrid
Na een nacht en dag zonder Herman eten we 's avonds een slottosti in de caravan als we plotseling iets horen. Maaauw? En nog eens. Maaauw? Veel zachter en schorder dan we gewend zijn. Thomas doet met tegenzin de deur open. Hérman!? Na 6 dagen rimboe is Herman behoorlijk verwilderd, maar hij is het wel.
Met gemengde gevoelens geven we hem een bak eten. Blij, balend, verbaasd. Nog nooit hebben we zo'n geluid uit een kat horen komen:
Herman eet (geluidsfragment, 739kb)
Herman is ruim een half jaar oud en heeft, na enkele zorgvuldige berekeningen onzerzijds, inmiddels 3 van zijn 7 levens verbruikt. Een echte diehard, zegt vriendin. Het zal wel nooit onze favoriete kat worden, maar the Hermanator is back. Ligt op m'n schoot terwijl ik dit tik. Muisstil. Eindelijk.
Maaauw! Maaauw! Foto: Thomas
sociale contacten
Onze sociale contacten in Fontebona komen op gang. Marleen van het Ezelparadijs kwam met Lisa, die daar nog een tijd wilde helpen, op lunchbezoek. Binnenkort komen wij bij Marleen om meer over ezels te leren, voordat we er een paar van haar overnemen.
Op aanraden van Marleen gaan we naar de filmavond in het restaurant op 3 kilometer van Fontebona. Met een groep alternatievige bezoekers, die ons jeuk geven omdat ze zich teveel in groepsverband verplaatsen. Toch is het leuk om weer eens met meer dan twee lettergrepen per woord met mensen te kunnen praten.
harken
Als Fontebona's terrassenbouwer ben ik erg tevreden over een nieuwe terrasseringsmethode. Het terrein ligt namelijk vol met al dan niet halfverteerd organisch materiaal. Ja, en wat doe je daarmee? De grote bonken hout kunnen soms nog in de kachel. Maar al dat kleine grut? We hebben er mee gesjouwd. Eindeloos. Om af te branden. Om op de composthoop te gooien. En er ligt nog véél meer. Gek word je er van.
Aangeharkt organisch materiaal. Foto: Astrid
Maar nu heb ik het. Ik hark en hark en hark en hark. Ik hark me suf om het organische materiaal als onderlaag voor een nieuw terras te gebruiken. Dat zijn een heleboel vliegen in één klap. Als fundering krijg je nu een ruwe laag die het losse zand beter vasthoudt. En ik hoef minder aarde los te hakken om het terras te maken. En het brandgevaarlijke organische materiaal wordt opgeruimd. En de blootgekomen aarde krijgt eindelijk aanknopingspunten voor nieuwe groei. En veel minder gesjouw.
Harken en hakken voor een nieuw terras. Foto: Thomas
Briljant! Iemand moet het zeggen. I am a rakist, yeah.
En zo ziet een terras er dan uit nadat het is ingezaaid. Foto: Astrid