
Het huis bij finca 15. Foto: Thomas
Vandaag weer een finca bezocht. Gevonden via de locale ViaVia, El Cero. Zaterdagochtend 10:00 uur afgesproken bij de benzinepomp. En wat we niet verwachtten: onze afspraak was er gewoon. Tsjonge. Dat viel dan weer mee na een paar onthutsende ervaringen op dat gebied.

Het terrein. Foto: Thomas
Over het terrein kan ik kort zijn. Een op te knappen huis met 3 hectare schuine grond. Niet te schuin. In ieder geval geschikt om terrassen op te maken. Heel behoorlijke uitzichten. Water en licht. Kortom, absoluut iets met mogelijkheden. Maar ja. Snelweg. Een chronische dreun op de achtergrond.
Dat was één van de kortste bezichtigingen tot nu toe. De verkoper deed er verder niet moeilijk over. Hij wilde er zelf ooit eens een Casa Rural beginnen, maar dat was voor de scheiding. Nu moest hij er van af. Hij bood zelfs aan eens in zijn omgeving voor ons te informeren. Aardig.

Uitzicht op Mieres met daarachter het besneeuwde Cantabrische Gebergte. EN de snelweg links. Foto: Thomas
Hij wist nog van een rustiger gelegen terrein verderop op de bult, dat te koop was. Navraag bij een boertje verderop - het huisje waar die man woonde, dat was pas armoe zeg - leerde ons dat dat net verkocht was aan een stel Polen.
Wat een griezels. Een tsunami! Die enge buitenlanders kopen alles op!
Hunosa
Afgelopen dinsdag zijn we bij de regionale kolenboer, Hunosa, geweest. De staatsbaas van alle mijnen hier. DSM zeg maar. Het blijkt dat Hunosa veel van dat razend interessante industriële erfgoed, of in ieder geval flink wat terreinen in de uitverkoop doet. Laat dat nou net onze ideale campingplek zijn: een combinatie van rode bakstenen gebouwen van rond de vorige eeuwwisseling met daarbij tenten en allerlei culturele activiteiten.

Een schitterend oud mijngebouw van Mina Mariana, bij Mieres. Foto: Astrid
Toen we twee jaar geleden in de buurt van Mieres op zoek waren naar een eerste huis om in te wonen, kwamen we al eens uit bij de oude gemeentemijn van Olloniego. Daar hebben we toen vreselijk staan dagdromen en watertanden.
Een enorm douchegebouw met eindeloos veel douches, want reken maar dat die mijnwerkers vies worden. En ook verder indrukwekkende gebouwen, waarin je zo een restaurant of theater of wat dan ook kan beginnen. Wel eerst even de losliggende dakpannen en bakstenen vastplakken natuurlijk. En hier en daar een gaatje dichtstuken/dichtstuccen (om discussies voor te zijn, zie "stuc" op www.onzetaal.nl).

De gemeentemijn van Olloniego. Foto: Astrid
We hebben nog wat andere ijzers in het vuur liggen sudderen, maar de komende tijd gaan we ons maar eens vooral richten op de kolenboer. Flink pesten, want degene die we spraken zou onze vraag aan zijn baas voorleggen en dan zouden we wel weer van ze horen. Ja ja, daar trappen we niet meer in.
Komende dinsdag liggen we er weer op de stoep. En als het te lang duurt, gaan we terug naar Sadim Inversiones. Sadim is de investeerzus van de kolenboer. De dame die ons daar bij Sadim te woord stond, was net wat toeschielijker. Zij verwees ons voor gedetailleerde informatie over terreinen door naar Hunosa. Dus als de staatsmoloch niet thuis geeft, gaan we zijn kleine zusje pesten.

De toegangsweg naar Mina Mariana. Foto: Astrid
Gelukkig liggen die kantoren maar anderhalve kilometer bij ons vandaan, in Ujo. Dat maakt het een stuk gemakkelijker om het pesten vol te houden.
Olloniego kost overigens een slordige 7 miljoen. Tsja, als het zo moet... Maar als het om dat soort bedragen gaat, moeten we misschien meer aan een heel klein ienemienie stalletje voor de mijnezels denken.
Mijnezels ja. Stoempten 8 uur per dag kolenwagons door de mijngangen en precies na die 8 uur vertikten ze het nog een poot te verzetten. Vertelt Bernardo ons regelmatig.
Wordt vervolgd.